Wanaka – Merry Christmas

“Merry Christmas!” Ja. Dus. Kortsluiting. Kijk, je kunt natuurlijk van mening zijn dat kerstfeest met de fysieke gebeurtenis van de geboorte van een persoon te maken heeft en zonder in te gaan op, of een twist in gang te zetten omtrent de historische waarheid van deze gebeurtenis ruim twee millenia geleden, is het mijn bescheiden mening dat je daartoe beperken aardig wat geweld doet aan de boodschap van het hele verhaal, dat uiteindelijk ook al reeds duizenden jaren door vele generaties van vele verschillende volkeren op allerhande manieren verteld wordt: De terugkeer van het licht, van het nieuwe leven, van de hoop; het afwenden van de duisternis die ons jaar na jaar probeert mee te sleuren. En dat hele concept, dat idee, dat werkt niet met de koperen ploert op volle kracht schijnende sinds de vroege ochtend. Dat werkt niet als het daglicht en de warmte alomtegenwoordig zijn. Kortsluiting dus.

Merry Christmas dus – ook al vinden ook alle andere deelnemers van de excursie die we vandaag doen dat ook onwezenlijk. Dat is dan ook een andere Nederlander en een aantal Britten – dus ja, we zijn sowieso met kerst, nat, koud, druilerig en donker weer gewend. De excursie gaat over Lake Wanaka naar het eiland Mou Waho, een van de eilandjes in het op drie na grootste meer van New Zealand. We krijgen nog wel een beetje les in geologie. Op Eerste Kerstdag moet je natuurlijk nog wel even iets opsteken. In dit geval: hoe maak je een meer? Leuk dat er hier ooit gletsjers waren, maar als die gewoon smelten, dan stroomt alles naar zee. Waarom dan toch een meer? Je moet dan wel weten dat een gletsjer zowel groeit als krimpt. Aanwas door nieuwe sneeuw aan de ene kant, waardoor de gletsjer ook langzaam naar beneden schuift en aan de andere kant smelt het water en stroom het via rivier naar de oceaan. Maar, nog steeds heb je geen meer.

Om even een zijsprongetje te maken naar hardlopen: stel je voor dat je op een hardloopband loopt. Je komt geen meter vooruit (aanwas door sneeuw) omdat die band al je voorwaartse snelheid teniet doet (smeltwater). Vrij kansloos concept dus; hardlopen moet je dus ook gewoon – weer of geen weer – buiten doen. Voor de vorming van een meer is het dan wel weer handig, want er worden allemaal stenen en gruis aangevoerd door de gletsjer en dat wordt allemaal voor het stilstaande front van de gletsjer gedeponeerd. En zo bouw je een dam. Als de ijstijd dan toch plots tot een einde komt, dan smelt alles, maar kan niet alles wegstromen. Voilá, een meer. Van pak ‘m beet 300 meter diep. Best diep dus.

De gletsjer heeft echter niet alle rotsen weg kunnen slijten, dus zijn er ook een paar eilanden. Mou Waho is dus een van die eilanden en daar kunnen we ook aanleggen. Dat kan niet op alle eilanden. Daar wonen dan ook alleen vogels. Op Mou Waho is vervolgens een pad aangelegd, dat redelijk stijl omhoog gaat, maar dat zijn we van de Kiwi’s wel gewend. Het is een slordige 150 meter omhoog en dan komen we op het punt waarvoor we ook onze zwemkleding mee hebben genomen: we komen aan bij een klein meertje. Dat is fantastisch om te zien en hopelijk is ook op de foto’s te zien hoeveel hoger het meertje ligt ten opzichte van het moedermeer Lake Wanaka. Vooral de foto’s van het nog eens 50 meter hoger gelegen uitzichtpunt, vanwaar je ook recht naar beneden kunt kijken naar het meer – niet te dicht bij de rand komen, wat een hoogte!

Het is niet alleen fantastisch om te zien, maar nu we het gezien hebben, moeten we er ook wel in zwemmen. We zijn niet de eerste van de groep. Nederlanders mogen misschien te boek staan als goede zwemmers, voor mij betekent het dat ik kan overleven in het water. Met een beetje schoolslag houdt het wel op. Zowel Marije als ik hebben voor de reis zwemkleding moeten kopen om te kunnen zwemmen. Nog een reden om toch echt wel het water in te gaan.

Dat is even een moment koud, maar dan blijkt het water verrassend lekker te zijn. De temperatuur is prima te doen, aangenaam durf ik zelfs te zeggen. Het water voelt ook bijna zacht aan. Niet het rauwe water van de zee, waar je meteen al de zoute smaakt van in je mond krijgt zodra het maar in de buurt van je lippen komt. Niet zo zwaar ook. Het is zuiver regenwater, misschien subtiel aangevuld met wat mineralen van de rotsen, maar het voelt simpelweg zo fijn.

En absurd. Eerste Kerstdag, 150 meter boven het grote meer dat op ongeveer 285 meter boven de zeespiegel zit en we slaan relaxed een paar slagen in zuiver natuurwater, slechts verwarmd door de zon. Brilliant. Het geeft niet echt een Kerstgevoel – dat dan weer niet.

We zwemmen ook nog naar een van de twee kleine eilandjes in het meer. Dan zijn we dus op een eiland in een meer op een eiland in een meer op een eiland in de oceaan. Uniek!

Terug bij het meer worden we door de gidsen getrakteerd op een lekkere Kerstlunch. De zon staat fel te branden, maar de wind is ook op gang aan het komen. Het is heerlijk, zowel het eten als de locatie als het gezelschap. Ik geloof dat ik dit soort gezelschap wat beter trek dan mensen in een gezamenlijke keuken van een Holiday Park. De terugreis over het meer is wat onstuimiger dan de heenreis; slechts ogenschijnlijk kleine golfjes, opgedreven door de wind, laten de watertaxi toch redelijk deinen en op en neer springen.Dat leidt overigens voornamelijk tot vermaak, net als de kerstmuziek (“Last Christmas”)die uit de muziek installatie klinkt. Het blijft een beetje een moeizame relatie: de overweldigende zon, hoog aan de hemel, een temperatuur van meer dan 20 graden en Kerst.

Na een aantal uren relaxed in de zon (en even snel twee wassen weggewerkt – moet ook gebeuren) beginnen we dan nu maar eens met de voorbereidingen voor het Kerst diner. Garnalen met avocado en een citroen risotto met groene asperges en kaimoana (een witte vis). Uiteraard geserveerd met een Pinot Gris, de witte wijn die we in 2016 ontdekt hebben en sindsdien onze favoriet is. Overigens niet te verwarrend met de Pinot Griggio, ook al staat ook dat op het etiket van de (Australische) Jacobs Creek Pino Gris die bij de Appie te halen is, want de meeste Pinot Griggio in Europa komt uit Italië en in dat land worden heel wat lekkere producten gemaakt, maar de Pinot Griggio van daar is wrange bocht. New Zealandse Pinot Gris is vol, fruitig, beetje citrus-achtig.